Ofwel: Lesgeven tijdens een date is not done
Toen ik na een aantal jaren besloot om mijn geluk weer eens te beproeven op de online datingmarkt, dacht ik vooral aan de leuke mannen die ik tegen zou komen. Wat ik nooit had verwacht, is dat ik vooral mezélf zou tegenkomen. Ja, je maakt nog eens wat mee als je gaat daten tijdens de tweede helft van je leven. In dit verhaal: hoe een man in zijn fifties het nog steeds heeft over ‘meisjes’, en alleen even zijn mond hield toen ik hem een spiegel voorhield.
1. Alle seinen staan op groen
Het schijnt een soort publiek geheim te zijn: voordat je één leuke date hebt, moet je eerst vier minder succesvolle ontmoetingen doorworstelen. Geen idee waar dit op gebaseerd is, maar als het klopt, dan zou dit een topdate worden.
Hij, van beroep docent en mentor, vader van een studerende dochter en in zijn vrije tijd graag sleutelend aan auto’s, stuurde me een aardig bericht. Ik was gecharmeerd door zijn tone of voice en besloot te reageren. Op zijn profielfoto keek hij niet de camera in, maar het beeld uit.
Spoiler alert: zo zou hij later ook uit mijn matches verdwijnen.
2. De versnelling en het terugschakelen
Na mijn eerste korte, verkennende reactie werd de snelheid meteen opgevoerd: kon ik diezelfde middag afspreken? Want hij was in de buurt. Eh… nee, want ik was die dag aan het werk. Het zou aankomend weekend worden.
Niet heel flitsend, wel praktisch: na een (voor mij) drukke dag zouden we een drankje of twee doen op het verwarmde terras van een café in Zaandam. Ik voelde weinig druk en zenuwen merkte ik, en ging er open in.
3. De visuele verrassing
Terwijl ik regelmatig heb meegemaakt dat de foto’s van een man flatteuzer zijn dan zijn echte verschijning, zag deze man er in mijn ogen aantrekkelijker uit dan op zijn profiel. En ik had het gevoel dat hij dat ook van mij vond.
Sterker nog: ik meende nog voordat we elkaar de hand hadden geschud een ‘klik’ te voelen toen we elkaar in de ogen keken.
So far so good!
4. De titel die een dingetje werd
Tijdens de introductie kreeg ik de kans om in maar liefst drie hele volzinnen te vertellen welke studies ik had gedaan, waar ik gestudeerd had en dat ik afgestudeerd was. Daarna volgden vijftien minuten over hoe zijn opleidingstraject was verlopen.
“Wat ik gestudeerd heb? Wat niet!” Het langst bleef hij stilstaan bij het feit dat hij geen titel voor zijn naam kon zetten. Uit de brij van woorden die hierop werd losgelaten, kon ik niet duidelijk opmaken wat hier precies de reden van was.
Wat ik wel merkte: het feit dat ik wél een titel heb, raakte iets in hem. Wat hij uiteindelijk probeerde af te doen met: “Als je die titel hebt, verwachten mensen ook meer van je, dus ik vond het wel goed zo.” Ik liet hem zijn verhaal doen, maar wist al vrij snel: dit zou weleens een ‘dingetje’ kunnen worden.
5. Vissen zonder hengel
Ja, hij vertelde veel en graag.
Had een prettige stem om naar te luisteren.
Dat wel.
Maar vroeg amper iets aan mij, en pakte vrijwel elke keer het verhaal weer over als ik aan het woord was. Als het over zijn liefdesleven ging, had hij het steevast over ‘meisjes’. Was dit een mini red flag over hoe hij zichzelf positioneert ten opzichte van zijn geliefde? Veel kans om erover na te denken kreeg ik niet, want daar zat hij alweer te vissen:
“Zo, jij schrijft dat je graag een intelligente partner wil. En nu zit je hier met een boerenjongen!”
Het duurde een fractie van een seconde voordat ik besefte wat hier gebeurde.
Maar ik spiegelde: “Zeg, stop jij die hengel eens even weg.” Dit triggerde iets in hem, want hij knipte met zijn vingers en verkondigde:
“Kijk, DAT heb ik nodig, iemand die scherp is.” Eh… Oké?
6. Wat ik leerde, en wat ik nu beter begrijp
Het zal geen verrassing zijn dat het bij deze ene date is gebleven. En dat is oké. Daten is voor mij namelijk niet alleen anderen leren kennen, maar ook jezelf steeds beter leren kennen.
Als ik terugkijk op deze ontmoeting dan besef ik: red flags – hoe klein ook – zijn er niet voor niets. En mogen prima (luchtig) benoemd worden.
En daarbij: als je met mij afspreekt, dan ben je op date met een vrouw. Geen meisje.
Ik zat tijdens deze date een aantal keren met verbazing te luisteren naar zijn (sterke) verhalen. Te beleefd om in te grijpen, te loyaal in het geven van ruimte aan iemand die vooral zichzelf hoorde. Vooral zichzelf centraal stelde in plaats van de verbinding op te zoeken.
Maar het lukt mij steeds beter om daar met compassie naar te kijken. Niet alleen naar de ander, maar ook naar mezelf. En ik kom er steeds meer achter dat een geslaagde date niet alleen gaat over wat ik voor de ander heb kunnen betekenen, maar vooral over: wil die ander mij écht leren kennen?
Verspilde energie: een complimentenvangnet dat als zelfvalidatie bleek bedoeld
Voor herhaling vatbaar: nee dank je, geen gehengel graag
Klaar voor de volgende: ja, en die mag ook scherp zijn – maar dan graag op een verbindende manier
Plaats een reactie